Geluk | Curacao verhaal door Elodie Heloise | pagina 5 van 24

Geluk

Pòppy schuift door de straat. Ze prikt haar wandelstok steeds precies op het midden van een stoeptegel. Dat brengt geluk en verkleint de kans dat ze zich verstapt. Het feit dat zij nog nooit is gevallen wijdt ze aan beide. Zo nu en dan maait ze een blikje of een witte foambak weg voor haar voeten. ‘Porkos’ mompelt ze en kijkt venijnig in de richting van de snack aan de andere kant van de straat. Mannen met ontbloot bovenlijf zitten er te dominoën. Anderen hangen aan de toonbank buiten en krijgen black label aangereikt vanachter een getralied gat. Luid zijn ze. Krachttermen en smerige woorden vliegen rond. Sommige van die kerels die daar hangen kent ze. Zoals Lucien. Die heeft nog bij haar in de klas gezeten. Pòppy schudt haar hoofd. Niets van terecht gekomen. Moet je kijken wat een kabaal hij maakt. En een lol. Hij lacht zijn gouden tanden bloot. Bij Sonia’s rode huis stopt ze. Hier moet ze een drempel over. In haar tas zit een papiertje met nummers erop. “Sonia” roept ze terwijl ze het hek openmaakt. Nu luistert alles heel nauw. Ze moet loodrecht die drempel over. Precies een hoek maken van 90 graden. Ook met haar wandelstok. Geluk heb je niet zomaar, daar moet je voor werken. “Sonia, ben je thuis?” Pòppy heeft zonder problemen Sonia’s voordeur bereikt. Dit gaat goed, ze voelt het. Het papiertje brandt nu in haar tas. Ze kan niet wachten om het eruit te halen. “Si shon, kom maar verder.” Sonia’s stem komt van achterin het huis. Eenmaal binnen ziet Pòppy direct dat het mis is. Sonia is bezig Sint Jozef, de heilige Antonius, Luiduina, Afra, Thaddeüs en zelfs Jezus met hun gezicht naar de muur te draaien. En er brandt geen enkel kaarsje. “Het is niets deze week. Helemaal niets, Pòppy”, zegt ze. “Mijn loten hebben voor niemand iets opgebracht. Ik heb ze allemaal straf gegeven. Alleen Lucien, die daar aan de overkant aan het brassen is heeft 500 gulden gewonnen.” Pòppy bekijkt de opstelling en zegt dan zuur: “Misschien moet je Thaddeüs dan ontzien deze keer. Hij is immers de heilige voor de hopeloze gevallen.”